Turkije kent verschillende hondenrassen waaronder de Tazı (een windhond), de Turkse Mastiff, de Aksaray, de Kars, de Kangal (ook KarabaÅ? genoemd) en de AkbaÅ?. Over de laatste drie bestaat internationaal veel verwarring: zijn het afzonderlijke rassen of zijn het allen Anatolische herders?

De Turkse Kangal

Natuurlijke rassen en gecultiveerde rassen

Men kan op basis van verschillende voorwaarden rassen gaan onderscheiden. Voor hondenrassen kan men bijvoorbeeld uitgaan van de natuurlijk ontstane rassen of van de gecultiveerde rassen.

Bij de eerste soort is een consistent voorkomen van een bepaald type in een bepaalde streek voldoende om als één ras gezien te worden. Door natuurlijke selectie (soms mede door sturing door de mens) en de geografisch geïsoleerde ligging zijn de honden uitstekend aangepast aan de leefomstandigheden van de streek. Kleur en vachttype zijn ondergeschikt aan het geheel van kenmerken dat de hond in staat stelt om optimaal onder de leefomstandigheden van de streek te kunnen functioneren.

De gecultiveerde rassen zijn ooit allen ontstaan uit de natuurlijke rassen maar door afspraken te maken over uiterlijk en karakter – het vaststellen van een ‘standaard’ – gaan fokkers honden selecteren die voldoen aan deze standaard.

De FCI

De Fédération Cynologique Internationale (FCI) is een wereldwijd overkoepelend orgaan op het gebied van rashonden (kynologie).

Nederland en België zijn aangesloten bij de FCI maar Amerika, Engeland en Turkije zijn dat niet. Dit heeft gevolgen voor de classificatie van de hondenrassen én het zorgt voor veel verwarring.

De FCI heeft de Çoban KöpeÄ?i (Turks voor herdershond) als natuurlijk ras erkend; ze laat daarom veel ruimte ten aanzien van kleur en beharing. Hierdoor worden zowel de Kangal, de Kars en de AkbaÅ? allen tot de Çoban KöpeÄ?i gerekend. In Nederland gebruikt de Raad van Beheer de naam ‘Anatolische Herder’ voor de Çoban KöpeÄ?i.

Turkse rassen

Turkije ziet de Kangal als een apart ras; gecultiveerd vanuit de Çoban KöpeÄ?i, en dus met een eigen ‘standaard’. Ook de AkbaÅ? en de Karshond worden als afzonderlijke gecultiveerde rassen gezien. De verwachting is dat de CFI de Kangal binnenkort als apart ras gaat erkennen.

Turkije beschouwt de Kangal als hun nationale hond en zij doet er alles aan de raszuiverheid te bewaken en te bevorderen. Zo is er een speciaal fokprogramma opgesteld om de Kangal, de AkbaÅ? en de Tazı zuiver te blijven fokken en zo voor de toekomst te behouden. Ook mogen Kangals niet naar het buitenland worden meegenomen.

De Kangal

Anders dan de naam ‘herdershond’ doet vermoeden, is de Kangal geen herder maar een bewaker van de kudde. Er valt niet veel met zekerheid over de herkomst van de Kangal te zeggen. Volgens sommigen zou hij afstammen van de Mesopotamische Molosser (een doghond) terwijl anderen beweren dat de lichaamsbouw van de Kangal ouder aandoet dan die van de Molosser. Weer anderen zeggen dat de Kangal afstamt van de oude Indiase honden. Eén ding is zeker: de huidige Kangal is een berghond die uit het district Kangal in de provincie SivaÅ? komt.

Als bewaker van de kudde is het een zeer zelfstandig werkende hond die onder extreme omstandigheden kan leven. Hij is niet agressief van aard maar vecht als het nodig is. De Kangal wordt gezien als enige hond die het gevecht met een wolf aankan. Hij zal uit zichzelf niet aanvallen maar slechts door zijn aanwezigheid en zelfbewuste gedrag zal hij mogelijke indringers of aanvallers afschrikken. Is dit niet het geval, dan komt de Kangal in actie en gaat het gevecht aan. Het is een hond die zijn kudde (en daarom ook het gezin waartoe hij behoort) goed bewaakt en wantrouwend is naar vreemden.

De Kangal is een grote hond. Reuen hebben een schofthoogte van 74-81 cm bij een gewicht van 50 tot 65 kg. Voor teven is dat 71-79 cm bij 40 tot 55 kg. De Kangal is lichtbeige van kleur en heeft een zwart ‘masker’.

Typerend voor de Kangal is de dubbele vacht: hij heeft een dikke, isolerende ondervacht die hem bestand maakt tegen zowel de hete zomers als de zeer koude winters. De bovenvacht is water- en sneeuwafstotend. Bovendien maakt deze dubbele vacht hem beter bestand tegen beten van wolven of beren. Om de nek nog beter te beschermen, draagt de Kangal veelal een halsband met naar buiten gerichte punten.

Dat de Kangal een moedige en zelfbewuste hond is, heeft er helaas ook toe geleid dat ze vaak gekruist zijn met vechthonden.

Cheetah Conservation Fund

De leefomstandigheden in Namibië hebben veel overeenkomst met die in Centraal Anatolië. Dit maakt dat de Kangal uitstekend geschikt is om in Namibië – waar de cheeta een probleem vormt voor de kuddes – te werken. Veel herders beschermden hun kuddes door de cheeta af te schieten waardoor het aantal cheeta’s sterk afnam.

Het is uitermate belangrijk dat er raszuivere Kangals worden ingezet. Zij zijn het meest geschikt voor hun taak. Bovendien zijn het zeer gezonde en sterke honden. Het harde leven in de bergen van Anatolië en het gebrek aan medische zorg heeft voor een natuurlijke selectie gezorgd; alleen de sterksten konden overleven. 

Het project van CCF startte in 1994 met niet raszuivere Kangals – bij gebrek aan beter – maar desalniettemin is het project zo succesvol dat er sinds 1994 al 300 honden voor Namibische boeren werken en dat ook in Kenia inmiddels de eerste zijn ingezet. Waar voorheen gemiddeld 19 cheeta’s per jaar werden gedood door de boeren, is dat nu nog 2,4 en in deze gevallen was er vrijwel altijd sprake van buitengewoon aanvallend gedrag van de cheeta en niet – zoals voorheen het geval was – het domweg te dicht in de buurt komen van de boerderijen en kuddes. Bovendien is het aantal verliezen van dieren binnen de kuddes aanzienlijk afgenomen.

Stichting SPOTS

Stichting SPOTS (Save & Protect Our Treasures) is een Nederlandse organisatie die zich inzet voor de bedreigde katachtigen en zij ondersteunen het project van CCF van harte.

SPOTS werkt nauw samen met de Turkse fokkers Abdullah Çakır en Mustafa Sönmezer. Zij doneerden kosteloos twee raszuivere Kangalpups aan SPOTS. In 2008 bracht voorzitter Simone Eckhardt de twee pups – Spots en Cazgır – naar Namibië. Daarmee is tevens raszuiver bloed ingebracht.

U kunt stichting SPOTS helpen door een Kangalpup te adopteren. Dit kan al voor € 6,- per maand. Van dit bedrag wordt € 5,- direct beschikbaar gesteld aan het Cheetah Conservation Fund. De resterende euro wordt door SPOTS gebruikt in Nederland, bijvoorbeeld voor voorlichtingsmateriaal.

Op de website van stichting SPOTS vindt u alle informatie over dit project maar ook over andere projecten: http://www.stichtingspots.nl

Interviews en http://www.stichtingspots.nl

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in