Ik sta met mijn Belgische camper in het Nederlandse Eygelshoven bij de Duitse grens. Onze vierde dag hier in de buurt. We rijden niet veel rond met onze Hymer en dus raakt de energievoorziening wel uitgeput. De accu dus bijna leeg en het toilet vol.
Elektriciteit kan gelukkig al rijdend aangemaakt worden en dat komt goed uit. Ik moet toch nog naar de bakker en wil ook wat Duitse grensdorpjes verkennen. Maar Nederlandse bakkers zijn gewoon gesloten op zondag. Gelukkig is dat aan de Duitse kant wel anders. In Ubach koop ik in Konditorei ‘L’orteye’ een klein Oberlanderbrood en 2 rosinenbrotchen en verken even het dorp. Allemaal rustige, propere maar ook saaie dorpen, dus moet ik er zelf wat van maken. Aan de voet van een heuvel, met bovenop een wit kerkje, staat bij een statige beuk een klassiek gedenkteken voor 'den Helden des Weltkrieges' 1914 – 1918 Trumprer, Keufen en Kraus en voor de nog jongere helden Rohlander en Straten uit wereldoorlog II. Mensen geboren in 1918, bij het einde van de eerste oorlog en gestorven in 1940 bij het begin van de tweede oorlog. Oh ironie! Voor mij ook verwondering maar geen haat over Duitse ‘helden’ die andere landen binnen vallen. Gemengde gevoelens dus.
Windmolens en een moderne Don Quichote
Ubach uit rijdend richting plateau bevind ik me plots in een bos van reusachtige betonnen windmolens. Ik voel me net een moderne Don Quichote die met zijn Hymerros de industriereuzen van het hedendaagse landschap wil bestrijden. Een milieu-Don Quichote die niet weet wat hij aan moet met die vreemde vogels. Zijn het milieuvriendelijke of milieuverpestende reuzen?. Weer gemengde gevoelens dus.
Flirten met de grens
Merkstein, 'grenzubergang' naar Kerkrade wordt er aangeduid. Onder een spoorweg door, over een beekje zie ik plots een reclamebord met de tekst ‘Albert Heyn voor gezonde producten’. Dus ik ben in Nederland en waar was dan de grens? Wordt de grens nu aangeduid door Albert Heyn? Ik rij even terug, parkeer in een doodlopend straatje langs de spoorberm en zoek de grens. Net over de beek vind ik een dubbele lijn zonder verdere aanduiding. Dat moet dus de officiële grenslijn zijn.
Grenzen zijn er natuurlijk op vele manieren, taalkundige, psychologische en natuurlijke. Ze worden gelukkig niet meer militaristisch afgebakend met wachthokjes, geweren en slagbomen. Maar de verschillen merk je wel aan wegen, gebouwen, borden en gesloten bakkerijen. Hier in het Duitse Merkstein bijvoorbeeld is de grensweg smal en met versleten beton bezet terwijl in Kerkrade, één meter verder, een nieuwe, geasfalteerde vierbaansweg ligt.
Ik snuffel nog wat verder rond. Het zou vroeger niet mogelijk geweest zijn om je zo verdacht te gedragen bij een grensovergang. Op de spoorbrug staat de kreet geklad ‘Abdullahah liebe dich’. Zou zo’n een tekst een grensgeschil kunnen veroorzaken? Nu bemerk ik ook het bord ‘Auf wiedersehen in Kreiss Aechen’ en bij een afgesloten stukje natuur ‘Geschutzer Landschaftsbestandteil’. Al blijkt dat geen echt natuurgebied te zijn maar wel een waterzuiveringsstation.
Plots verschijnt er toch wel een Duitse politiewagen die stopt bij de spoorwegbrug. Ik ongerust natuurlijk. Gelukkig stapt er een mevrouw in burger uit met 2 kinderen, maar… ze stapt wel het straatje in waar mijn Hymer geparkeerd staat. Gelukkig wandelt ze verder. Ik stap schichtig naar mijn Hymer, mompel een ‘tag’ naar de kinderen en rij er stilletjes van door. Bij grensovergangen, toch nog een beetje op je hoede zijn?
Hymerdagboek. Maurice Godefridi