In bijna elke klas zitten kinderen met dyslexie. In het algemeen, vooral in het dagelijks schoolleven, hoeven deze kinderen niet heel anders behandeld te worden dan andere. Wel is het nuttig om te weten hoe in bepaalde situaties leerlingen met dyslexie wel meer aandacht moeten krijgen in de omgang. Wat zijn hiervoor nou de beste richtlijnen?
Aan te raden
Het is nuttig om de volgende richtlijnen als docent door te nemen. Natuurlijk hoeft niet alles toegepast te worden, maar in sommige gevallen is het handig te weten hoe je beter zou kunnen omgaan met kinderen met dyslexie.
Communicatie
- Articuleer extra duidelijk en geef telkens concrete voorbeelden.
Pedagogisch handelen
- Geef nadrukkelijk aan wat de leerling wel en niet goed doet.
- Maak dyslexie bespreekbaar in de klas.
- Motiveer de leerling zo veel mogelijk.
Didactisch handelen
- Zet extra uitleg op papier.
- Geef duidelijke grammaticaregels.
- Sta alle hulpmiddelen toe die lezen en schrijven vergemakkelijken.
- Geef leerlingen tips over hoe ze het beste kunnen leren, bijvoorbeeld door elke dag bepaalde leerstof te herhalen.
- Laat de leerling samenwerken met een goede lezer.
- Leer de leerling technieken om zichzelf te controleren, bijvoorbeeld bepaalde spellingsregels voor -t en -dt fouten.
- Geef de uitleg van de leerstof van een vreemde taal in het Nederlands.
- Geef hulp bij het maken van een planning en bij het maken van huiswerk.
- Maak onderscheid tussen woordbeeldfouten en inzichtelijke fouten.
- Wissel schriftelijke toetsen regelmatig af met mondelinge toetsen.
- Maak een selectie van vragen uit een toets, als twintig procent extra tijd niet mogelijk is.
- Hanteer spellingscijfers bij moderne vreemde talen, herhalingsfouten bijvoorbeeld niet meerekenen.
Te vermijden
Ook kunnen sommige situaties het best vermeden worden voor kinderen met dyslexie. Dit zijn maar specifieke situaties, dus het is niet nodig om leerlingen met dyslexie compleet anders te behandelen.
Communicatie
- Vermijd het gebruik van moeilijke woorden.
- Vermijd abstract taalgebruik.
- Voorkom lange uitleg.
Pedagogisch handelen
- Vermijd het vergelijken van de prestaties van de leerling met de prestaties van klasgenoten.
- Voorkom het geïsoleerd raken van de leerling in de klas.
- Vermijd het stellen van doelen die de leerling niet kan bereiken.
- Voorkom negatieve ervaringen zoveel mogelijk.
- Voorkom te veel nadruk op wat de leerling fout doet.
- Vermeld de toetsresultaten niet klassikaal.
Didactisch handelen
- Geef de leerling nooit onvoorbereid een leesbeurt.
- Ga er niet vanuit dat de leerling de opdracht meteen begrijpt, leer hem een opdracht twee keer lezen en vervolgens de opdracht in eigen woorden na te vertellen.
- Voorkom het plannen van meerdere toetsen van taalvakken op één dag.
- Tel bij toetsen spelfouten niet de hele tijd mee.
- Voorkom het geven van onverwachte toetsen.