Het valt soms niet mee duidelijk te zeggen wat men zeggen wil. Vaak schieten woorden tekort of er is te weinig weerwoord. Het échte praten is uit, daarvoor zijn verschillende alternatieven in de plaats gekomen.  

Begrip niet verzekerd

Soms – ach, wat zeg ik, soms?- heb ik ruzie met mijn computer, mijn zeer vaak aangesproken gesprekspartner. Als ik mijn verhaal doe zegt hij namelijk niets terug. Hoe zeer ik hem ook in vertrouwen neem, al is het nog zo leuk of triest wat ik schrijf, er kan geen begrip of medeleven vanaf. Mooie boel, denk ik dan. Is dát nu communicatie? Pas als mijn relaas iemand anders onder ogen gekomen is krijg ik respons. Meestal wacht ik min of meer gespannen op een reactie van een digitaal aan mij verbonden ander. Voldoening zal ik om te beginnen uit mijzelf moeten halen. Cabaretier worden is ook een optie om gehoor danwel bijval te krijgen. Dat betekent: op een podium gaan staan en met veel bravour dát zeggen wat waarschijnlijk indruk maakt en grappig gevonden wordt. Nét een stoute grens over gaan is het geheim. Een brede grijns op het gezicht dat onmiskenbaar de behoefte om erkenning verraadt slaat meestal wel aan. Vooral die grijns aanhouden is naar ik meen een belangrijk onderdeel van het uitoefenen van dit métier. Er wordt als het ware een schaterbui mee afgedwongen. En, als er één lacht lachen ze allemaal, nietwaar?

ADHD?

De beste cabaretiers in spé vindt men onder kinderen. Zij lijden stilzwijgend onder het gevoel niet begrepen te worden en onder een onvermogen om te kunnen uiten wat zij willen uiten. Dat maakt dat het kind druk en onrustig is en met buitensporig gedrag opvalt. Daar het zich anders dan anderen gedraagt neemt men het mee naar de dokter. Vaak wordt dan het vermoeden geüit dat het kind ADHD heeft. Deze term wordt door medici gehanteerd als zij niet kunnen bepalen wat er aan de hand is. Een arts kan moeilijk diagnosticeren dat het kind een mededelingsstoornis heeft, al draait het daar meestal wel om. Want, in het hoofd en het lichaam van het kind zijn bijzonder veel gevoelens opgeslagen. Die gevoelens verwarren en kunnen daarom later niet specifiek waargenomen en uitgesproken worden. Het kind wordt er kriegel van en krijgt er soms letterlijk keelpijn, maagpijn of andere vage klachten van. De later uit deze spanningen veel voorkomende rug-,nek- en schouderklachten, vinden onder meer hier hun oorsprong. Er zijn er weinigen die weten dat het hier om geremdheid of uitingsproblemen gaat, om een onvermogen zich mede te delen. Vaak worden er fysiotherapeuten geraadpleegd maar onderzoek wijst uit: er is niets mis met het lichaam. Verlichtende massages en lichaamsoefeningen heffen blokkades niet blijvend op. Dan komt men op het idee dat het misschien "tussen de oren" zit, een enigzins platte manier om lijden te beschrijven. Want, laten we wel wezen, niet kunnen zeggen wat je voelt ís lijden en leidt tot onhandig gestotter. Voor een oplossing van de blokkades wordt vervolgens de psycholoog opgezocht. Echter daarmee is men nóg verder van huis. Dit is echte tovenarij. De behandeling ziet er zeer realistisch uit, maar is dat niet. De psycholoog voert gesprekken wat een contradictio in terminis is. Voor iemand met een mededelingsstoornis is het natuurlijk onmogelijk niet praten over dat wat niet gezegd kan worden. Dat zit klem. De cliënt komt na soms jarenlange visites achter de waarheid: de psycholoog verkoopt knollen voor citroenen.

Kunst als taal

Inmiddels niet alleen wijzer maar ook volwassener geworden grijpt men naar het penseel en de schildersezel. Bevestiging van deze uitingsvorm vindt men echter pas in de expositieruimte. Zo velen hebben dat gedaan. Zie bijvoorbeeld: De schreeuw van Edvart Münch, Guerenica van Pablo Picasso en de steeds wederkerende zonnebloemen op de schilderijen van Vincent van Gogh. Deze schilderijen bemiddelen allemaal een intense gemoedstoestand. Dat is iets wat cabaretiers die hun onvrede achter "geestige" kritiek met woorden proberen te bemiddelen. Soms zijn zij grappig, meestal een beetje geforceerd en heel vaak  van pijn doorzeeft. Het is droefenis, ontzetting, onmacht, verontwaardiging wat de kunstenaar met zijn werk probeert te bemiddelen.  Maar ook schoonheid en bewondering zijn sturende gevoelens achter zijn creaties. Men kan kunst leren waarderen met het boek "De kunst van het kijken" geschreven door Jon Thompson. In dit boek worden de meer dan 200 schilderijen door de schrijver besproken en helpt hij de betekenis ervan te ontsleutelen. Hij behandelt werken van grote en bekende schilders uit de 19e en de 20e eeuw: Monet, Van Gogh, Picasso, Kahlo, Pollock, Bacon, Warhol. Daarbij bespreekt hij hun levensloop, hun stijl en hun materiaalgebruik en de betekenis van hun schilderijen. Deze bijzonder informatieve gids is een uitstekende handleiding voor kunstliefhebbers die geïnteresseerd zijn in een wereldwijde rondleiding langs hoogtepunten van de intrigerendste perioden uit de kunstgeschiedenis.

Jon Thompson: De kunst van het kijken. Het verhaal van de moderne schilderkunst van Courbet tot Warhol. Uitgeverij Ludion, 2006. ISBN: 9789055446254

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in