"Op leven en dood" is een van de korte verhalen uit de geillustreerde bundel "(On)geloofwaardig" van beeldend woordkunstenaar Connie Harkema. Het gaat over Tanja,een onzeker meisje met weinig geloof in haar zelf. Zij werk in het circus. Dankzij een engel weet ze haar angst voor de clowns te overwinnen. Voor haar betekent dit een strijd van leven op dood. "(On)geloofwaardig" is te bestellen bij www.freemusketeers.nl
Op leven en dood

Ze ligt woelend in haar bed. Hoe ze het ook wendt of keert, ze kan de slaap niet vatten. Er speelt iets door haar hoofd. Nou ja, iets, dat is wel wat matig uitgedrukt. Het is meer een kwestie van leven en dood. Wind en nachtelijk donker doen de olifanten luider toeteren, de tijgers doordringender brullen, de clowns harder lachen en het aapje zachtjes huilen. Takken krijgen klauwen en grijpen naar schimmige gestalten, terwijl ze ongenadig tegen het raam van de woonwagen beuken. Maar het ergst van alles is het touw, het koord, dat boven haar hoofd lijkt te dansen, zich zo nu en dan tot een strop vervormend. Koude adem en duivels gelach zijn z’n speelmakkers.
Tanja rilt en wenst vurig de dag van morgen niet mee te hoeven maken. Wie heeft het idee eigenlijk geopperd? Het was een van die rood-zwartharige tweeling, die ze altijd vergelijkt met de in twee verschillende wasmiddelen gewassen clowns uit een slechte reclamespot. De één heel vrolijk en fleurig, de ander gedeprimeerd en bleek.
"Het zou een eer voor je vader en moeder zijn hun enige dochter te zien dansen op een koord. De enkele keer, dat niet jíj de touwtjes, maar een touwtje jóú in handen heeft. Ha ha ha." Het echoot na door haar hoofd. Gezien de misplaatste grap, moet het wel die enge bleekscheet zijn geweest die te pas en te onpas puntig in de taal probeert te zijn.
In ieder geval: ze heeft zich laten overhalen. Al na de eerste keer dat ze op het touw stond, wist ze een verkeerde beslissing te hebben genomen.
Ze zijn beiden getuige geweest van haar eerste, onvaste schreden op het koord. Een bescheiden publiek als achterban. Blije vrolijke kleuren lachten haar toe aan de rechterzijde van het koord: "Kom maar meisje, goed zo, je kunt het." Een sip kijkend gezicht en meesmuilend gelach stonden aan de linkerkant.
Tanja, een slim meisje, wil haar ouders verrassen, maar de weerzin tegen het touw wordt met de dag groter. Soms lijkt het of het touw doormidden wordt gespleten en ze ertussen dreigt te vallen. Als ze naar rechts wankelt, lacht het geluk haar toe. Mensen staan op en applaudisseren, maar wanneer ze de andere kant op helt, leest ze enkel onbegrip en minachting op de gezichten. Af en toe hoort ze zelfs boegeroep.
Op een nacht verscheen een engel die naast haar bedje knielde. "Tanja," zo sprak de serene gestalte, "van mij hoef je niets te vrezen. Alleen vraag ik mij af of je wel begrijpt wie er aan beide zijden van het koord wonen. Jij denkt, dat de linkerzijde het slecht met je meent, maar dat is een misverstand. Zij daar voelen net zoveel voor je als hun rechterburen. Zij uiten zich alleen een beetje slechter. Dat komt, omdat zij al een poosje in een andere wereld leven. Zij zijn niet meer onder ons, als je begrijpt wat ik bedoel."
Tanja moest slikken. Als ze het goed had begrepen, leefden links de doden. Wat moeten ze het daar slecht hebben, dat ze zo sip kijken, dacht het meisje en besloot ter plekke de volgende keer meer aandacht aan 'die arme zielen' te schenken.
"Heb geduld," vervolgde de zachte, zwoele stem, "eens zul je weten met beide kanten te leven", en weg was de engel.
Tanja kon bijna niet wachten tot de volgende morgen en was vastbesloten het de doden naar de zin te maken. Zo zou zij in het vervolg niet één tevreden publiek hebben, maar twee. Vol verwachting beklom ze het koord en lette erop extra aandacht te besteden aan haar linkertoeschouwers. En kijk, dat was prettig, de hoofden lachten terug en straalden tevredenheid en zelfgenoegzaamheid uit.
Ik wist het, dacht Tanja en maakte van blijdschap een vreugdesprongetje. Toen ze door deze manoeuvre vervaarlijk naar rechts overhelde, stuitte ze op een koele, afstandelijke menigte die haar slecht gezind was. Ze raakte verward, maar wist zich desondanks staande te houden en liep teleurgesteld naar het einde van het touw. Net nu alles goed met links was, lag rechts weer dwars. Wat was er verkeerd gegaan? Moest ze beide groepen evenveel aandacht schenken?
Maar hoe ze ook alle volgende keren probeerde de aandacht te verdelen, er was telkens een zijde die ontevreden was. Ze kon het nooit beide partijen tegelijk naar de zin maken. Het maakte haar wanhopig.
De volgende morgen begint de grote dag, de dag, waarop ze haar ouders gaat verrassen. Ze voelt, dat dit ook de dag is die de rest van haar bestaan zal bepalen. De volgende dag zal ze ongehinderd kunnen doorleven of moeten sterven. Het zal niet anders kunnen. Morgen moet ze een keus maken. Ze weet echter niet wat te kiezen, want aan beide zijden lijken ze van tijd tot tijd gelukkig. En dat is eigenlijk het enige dat bepalend is voor Tanja: gelukkig zijn.
Ze trekt de dekens over zich heen en valt rillend in slaap, terwijl de takken voort beuken tegen haar raam.
*
De tent zit vol tot aan de nok. De kou heeft de mensen niet kunnen weerhouden hun geliefde circusnummers te gaan bekijken. De olifanten verlaten de piste. Stalknechten zorgen voor de goede orde. Een koord wordt gespannen. Na zorgvuldige controle verschijnt een lief meisje met opgestoken haar in een geel pakje in de schijnwerpers. Een man en een vrouw stoten elkaar aan, terwijl ze glimmen van trots.
Haar eerste schreden lijken onzeker, maar veranderen langzaam in een zelfverzekerde tred. Haar hoofd nijgt afwisselend van rechts naar links. Aan het einde staan twee clowns. Het lijkt wel een tweeling. Beiden rood met zwart haar, maar voor wie beter kijkt, ieder met een totaal verschillende uitstraling. De een stug en nors en ook een beetje flets, de ander fleurig en joviaal lachend. Ze wachten op het meisje en knikken goedkeurend.
Tanja geeft alle twee een kus en zucht opgelucht: "Op het leven volgt de dood." De beide clowns kijken elkaar niet-begrijpend aan. Het deert haar niet. Zij is blij geen keuze te hebben hoeven maken. Ze buigt voor haar publiek, terwijl ze denkt aan de boodschap van de engel. Die heeft haar willen laten inzien, dat de dood een voortvloeisel is van het leven. Op het leven volgt de dood. Dat is geen tegenstelling van plezier en verdriet, waartussen je moet kiezen. Het is een natuurlijk verloop, waarmee je moet leven. Het één gaat geruisloos over in het ander. Plotseling voelt ze zich volwassen en loopt onbevangen de trappen van de tribune op, haar ouders tegemoet.